[home][inhoud site][Inhoud bovenbouw][practicum][links]

 




Voortplanting, ontwikkeling en erfelijkheid

examenprogramma HAVO

Domein C2

Voortplanting en ontwikkeling van de mens

schoolexamen

Je kent de feiten van de menselijke voortplanting en ontwikkeling, kent de toepassing van anticonceptiemethoden, en kan een beargumenteerde mening geven over de betekenis van seksualiteit op biologisch, medisch, sociologisch en persoonlijk vlak.

Benodigde voorkennis uit onderbouw:

  • voortplanting van de mens.
  • gezond gedrag.

Weten en kunnen

Je kunt:

  1. met behulp van anatomische informatie primaire en secundaire geslachtskenmerken bij de vrouw en de man noemen en herkennen.

  2. de functies van de geslachtsorganen beschrijven
    in het bijzonder:
    • vorming en transport van eicellen;
    • vorming, opslag en transport van zaadcellen.

  3. aangeven dat een eicel in een eileider bevrucht wordt en dat de innesteling in de baarmoeder plaatsvindt.

  4. de functie van placenta, navelstreng, vruchtvliezen en vruchtwater aangeven.

  5. de lichamelijke ontwikkeling van kind naar volwassene beschrijven, zoals deze in de puberteit plaatsvindt; beschrijven hoe groei en ontwikkeling door voeding en hormonen beïnvloed worden.

  6. de cyclische veranderingen beschrijven die tijdens de menstruatiecyclus plaatsvinden en daarbij aangeven welke hormonen en hormoonklieren bij deze veranderingen zijn betrokken.

  7. uitleggen wanneer in de menstruatiecyclus een vrouw vruchtbaar is.

  8. een beargumenteerde mening geven over de betekenis van seksualiteit voor de mens.

  9. een beargumenteerde mening geven over aspecten van seksualiteit zoals:
    hetero- en homoseksualiteit, erfelijk en cultureel bepaalde verschillen tussen man en vrouw en seksueel geweld.

  10. een relatie leggen tussen seksueel gedrag en seksueel overdraagbare ziekten.

  11. aangeven dat er voorwaarden zijn voor een goede vruchtbaarheid
    in het bijzonder:
    • voeding;
    • algemene gezondheidstoestand;
    • lichaamsafwijkingen;
    • leeftijd;
    • geschikte temperatuur in de testes;
    • milieufactoren zoals de afwezigheid van toxische stoffen.

  12. methoden aangeven waarmee wordt geprobeerd ongewenste kinderloosheid op te heffen
    in het bijzonder:
    • kunstmatige inseminatie;
    • in-vitrofertilisatie.

  13. kennis hebben van en een beargumenteerde mening geven over het gebruik van nieuwe voortplantingstechnieken bij de mens.

  14. de toepassing en het werkingsprincipe aangeven van de volgende anticonceptiemethoden en de voor- en nadelen van deze methoden noemen:
    • coïtus interruptus;
    • de pil', de 'prikpil', 'implanon';
    • condoom;
    • vrouwencondoom;
    • spiraaltje;
    • pessarium;
    • sterilisatie.

  15. een eigen mening formuleren met betrekking tot de kwaliteit van het leven in relatie met ingrepen van de gezondheidszorg.

  16. een beargumenteerde mening geven over het toepassen van prenatale diagnostiek in de gezondheidszorg.

  17. een eigen standpunt ten aanzien van genetische modificatie beargumenteren.

Informatie op bioplek

Overzicht termen en begrippen

Theorie

Voortplantingsorgaan vrouw
Ovarium (gedetailleerd)
Voortplantingsorgaan man
Testis (gedetailleerd)
Menstruatiecyclus
Bevruchting, embryologie zoogdieren

Praktische opdrachten

Practicum voortplantingsorganen
Praktische opdracht voortplanting, groei en ontwikkeling