[home][inhoud][inhoud bovenbouw][inhoud practicum][links]  


©scholte/marree2003


Evolutie

practicum 6 atheneum B2

 

Praktische opdrachten Evolutie

Tijdsinvestering: 3 blokuren (4e blokuur &endash; posterpresentaties)

Inhoud

  • poster
  • bronnen
  • onderwerpen

    Poster

    Het verslag wordt gemaakt in de vorm van een poster.
    Maximaal 2 personen per poster.
    De poster wordt gebruikt om tijdens een posterpresentatie anderen snel en overzichtelijk de resultaten van het onderzoek duidelijk te maken.
    In ieder geval moet op de poster staan:

    • Doel van het onderzoek (1 zin)
    • Werkwijze: materiaal en methode (kort!)
    • Resultaten
      Gebruik voor zover mogelijk afbeeldingen, grafieken en tabellen.
    • Nabespreking met :
      de conclusies en
      de discussie (kort!)

    Tekst en afbeeldingen moeten met elkaar in evenwicht zijn.
    Alleen afbeeldingen toevoegen die extra informatie verschaffen
    Maak als het kan gebruik van geprinte teksten. De poster moet op een afstand van 1 à 1,5 m goed leesbaar zijn.
    Maak korte zinnen.
    Geef een volledige bronvermelding. Noteer als je iets van internet haalt meteen het volledige URL-adres,

    Bronnen

    Zie linkpagina - Evolutie

    Onderwerpen

    Sommige onderwerpen zijn meer theoretisch, andere meer praktisch. Het is de bedoeling dat de onderwerpen over de klas verdeeld worden zodat iedere groep een ander aspect van de evolutie kan belichten.

  • Evolutie paard

    1. De ontwikkeling van de poot van het paard.
      Bestuderen van de ontwikkeling van de poten aan de hand van afgietsels van fossielen.

    2. De ontwikkeling van de kaak en kiezen van het paard.
      Bestuderen van de ontwikkelingen van kiezen aan de hand van afgietsels van fossielen. Verband tussen vorm en afmetingen kiezen en de levenswijze vanuitgestorven uitgestorven paardachtigen.

    3. Met behulp van kaaklengte,kroonhoogte en kroonbreedte van de kiezen kan een stamboom van het paard gemaakt worden (theoretisch: getallen zijn gegeven).

  • Evolutie ledematen gewervelde dieren

    1. Convergente evolutie.
      Onderzioek naar de verschillen en overeenkomsten in de bouw van de voorste ledematen van de haai, een Ichtyosauriër, een pinguïn en een dolfijn.

    2. Divergente evolutie
      Bestuderen van de aanpassing (adaptatie) van de voorste ledematen van verschillende soorten zoogdieren aan de functie die die voorste ledematen hebben.

  • Vliegende fossielen

    Vergelijken van skeletten van een uitgestorven reptiel (Pterodactylus), een tussenvorm (Archeopteryx) en een moderne vogel.
    Maken van een reconstructie.

  • Evolutie mens

    Vergelijken van schedels en delen van het skelet van de Australopithecus, Homo erectus, Homo sapiens sapiens, Pan troglodytes (chimpansee) en Gorilla gorilla.

  • Fossielen

    Op school aanwezige fossielen onderzoeken (tekenen + beschrijven en determineren).

  • Biochemische evolutie

    Je kunt kiezen uit twee theoretische practica: de verschillen tussen de bouw van het bloedeiwit van mens, gorilla en paard (eenvoudig) en de ontwikkeling in de bouw van een van de eiwitten die in de mitochondriën de celademhaling regelt (ingewikkelder).

  • Hoe langzaam gaat de evolutie? (Geschiedenis van het leven op aarde)

    Wij kunnen ons de evolutie nauwelijks voorstellen, omdat het erg moeilijk is je een juiste voorstelling te maken van een periode langer dan een mensenleven. De bedoeling van deze opdracht is om meer inzicht te krijgen in de lengte van de verschillende geologische perioden en de geschiedenis van het leven gedurende die perioden.

  • Ouderdomsbepaling

    Waar is ouderdomsbepaling met de 14C-methode op gebaseerd. Op welke manier wordt de methode uitgevoerd?

  • Het dinosauruskerkhof (paleontologisch onderzoek in de praktijk)

    De videoband "Het dinosauruskerkhof" geeft een beeld van de aanpak van onderzoek naar fossielen in het veld en op het instituut. Het is de bedoeling dat je de band bekijkt, eventueel aan de hand van vragen, en aanvullende literatuur een een overzicht maakt van het onderzoek en de gegevens die daaruit voort kwamen betreffende de bloeitijd en het uitsterven van de dinosauriërs, de afstamming van de vogels en de evolutie van de zoogdieren.

  • Micro-evolutie bij de huisjesslak Cepaea nemoralis

    Informatie over Cepaea nemoralis
    Werkwijze -->
    Techniekkaart 8.10.1
    Verwerking van resultaten -->
    Techniekkaart 8.10.2