[home][inhoud site][Inhoud bovenbouw][practicum][links]




Dynamiek en homeostase

examenprogramma VWO

Domein E

Dynamiek in ecosystemen

Subdomein E1

schoolexamenexamen

Je kunt uitleggen hoe ecosystemen zich kunnen handhaven en ontwikkelen, en welke verstoringen daarbij kunnen plaatsvinden.

Benodigde voorkennis uit onderbouw:

  • indeling organismen.
  • eigenschappen van bepaalde ecosystemen.
  • weten dat de mens verstoringen in het milieu veroorzaakt.

Weten en kunnen

Je kunt:

  1. de in dit subdomein genoemde mechanismen die de handhaving, de ontwikkeling en de verstoring (o.a. door de mens) van een ecosysteem veroorzaken, herkennen en de genoemde begrippen gebruiken aan de hand van afbeeldingen en/of beschrijvingen van ecosystemen.

  2. uitleggen welke rol concurrentie (competitie) binnen en tussen populaties speelt bij de instandhouding en ontwikkeling van een ecosysteem.

  3. uitleggen hoe groei en evenwicht van populaties worden bepaald door dichtheid, emigratie/immigratie, geboortecijfer en sterftecijfer.

  4. uitleggen welke invloed de verandering van de grootte van een bepaalde populatie heeft op andere populaties binnen een gegeven voedselweb met verscheidene voedselketens.

  5. uitleggen en voorspellen hoe de groei van een populatie verloopt bij beperkte en onbeperkte hulpbronnen
    in het bijzonder:
    • S-vormige en J-vormige groeicurve;
    • instorten van een populatie.

  6. in relatie tot successie de betekenis noemen van:
    • verandering van abiotische factoren;
    • invloed van organismen of abiotische factoren;
    • uitsterven of verdwijnen van soorten;
    • immigratie van soorten;
    • invloed van organismen op elkaar:
    • de draagkracht van een systeem.
  7. aangeven dat successie in ecosystemen verloopt in de richting van een climax-ecosysteem en uitleggen welke rol klimaat en natuurlijke selectie hierbij spelen.

  8. een pionier- en een climax-ecosysteem karakteriseren met behulp van de eigenschappen:
    • open of gesloten kringlopen;
    • hoeveelheid biomassa;
    • mate van gelaagdheid;
    • verscheidenheid aan soorten;
    • mate van specialisatie van niches;
    • mate van ingewikkeldheid van het voedselweb;
    • de verhouding tussen de omvang van productie en afbraak;
    • snelheid waarmee successie verloopt.

 Informatie op bioplek

Overzicht termen en begrippen